Category Archives: Articles – Artikels

Genus Forpus, een taxonomisch overzicht – deel 8 Forpus spengeli (Hartlaub) 1885

Genus Forpus, een taxonomisch overzicht – deel 8
Forpus spengeli (Hartlaub) 1885

Door Dirk Van den Abeele
Ornitho-Genetics vzw
MUTAVI, Research & Advicegroup

Gepubliceerd in 2015

We vinden Forpus spengeli terug in het noorden van Colombia. Uit onderzoek weten we dat ze zich daar regelmatig te goed dan aan de vruchten van de Cecropiaboom (Janzen, 1969). Ze zouden zich daar hoofdzakelijk ophouden in half open bosgebieden. Over hun broedgewoonten in de wildbaan is zo goed als niets geweten. We vermoeden dat ze, net als alle andere Forpussoorten, in boomholtes broeden.

Genus Forpus, een taxonomisch overzicht – deel 9 – Forpus xanthops (Salvin) 1895

Genus Forpus, een taxonomisch overzicht – deel 9
Forpus xanthops (Salvin) 1895

Door Dirk Van den Abeele
Ornitho-Genetics vzw
MUTAVI, Research & Advice Group

Gepubliceerd in 2015

Forpus xanthops is afkomstig uit noordwest Peru waar het zijn habitat heeft in de omgeving van de Marañonvallei. Het is een vrij beperkt verspreidingsgebied van ongeveer een 2.400 km² dat zich uitstrekt van de Marañón Vallei over het zuidoosten van Cajamarca en ten oosten van La Libertad. (“www.birdlife.org”, 2014). Helaas moeten we hier een duidelijke waarschuwing meegeven want deze soort is ernstig bedreigd in zijn voortbestaan in de wildbaan.

Genus Forpus een taxonomisch overzicht – Deel 10 – Forpus crassirostris (Taczanowski) 1883

Deel 11  – Forpus crassirostris (Taczanowski) 1883
Diksnavel blauwvleugel dwergpapegaai

Door Dirk Van den Abeele
Ornitho-Genetics VZW
MUTAVI, Research & Advice Group

Published 1/5/2019

In ‘Proceedings of the Scientific Meetings of the Zoological Society of London’ van 1883 beschreef Taczanowski voor het eerst Forpus crassirostris als Psittacula crassirostris. W?adys?aw Ladislaus Taczanowski (1819 – 1890) was een Poolse zoöloog, welke gedurende zijn leven in diverse musea actief geweest is. Hij schreef ook een aantal werken waarvan ‘Birds of Poland’ uit 1882 en ‘Ornithology of Peru’ (1886) zijn bekendste zijn.

Is myostatin the catalyst behind the “standard” birds?

Is myostatin the catalyst behind the “standard” birds?

Published: BVA magazine 01-10-2008
on-line: 11-11-2008

By Dirk Van den Abeele

Who does not know them, the “long feathered” or standard A. roseicollis? They are usually the champions of the show and excel in size and colour. For this reason this type of bird is highly desirable to most breeders. The difference with the “normal” A. roseicollis is significant, the “long feathered” birds literally tower above the “normal” types. When in 1992 these birds were first displayed on the BVA show this generated, as per usual in the bird world, the usual distrust and gossip, wild assumptions and doubt. For the bird enthusiasts are notoriously conservative and new things, especially when they cannot be explained easily, usually encounter a lot of prejudice. Those who could acquire such a “long feathered” bird and bred it were very happy. Others who did not own these birds were cautious.

Is myostatine de katalysator achter de “standaard” vogels?

Is myostatine de katalysator achter de “standaard” vogels?

Published: BVA magazine 01-10-2008
on-line: 11-11-2008

Door Dirk Van den Abeele

Wie kent ze niet, de “langbevederde” of standaard A. roseicollis ?  Ze zijn meestal de kampioenen van de show en blinken uit in formaat en kleur. Daarom is dat type vogel zeer gegeerd bij de meeste kwekers. Het verschil met de “normale” roseicollis is immers enorm, de “langbevederde” vogels steken letterlijk met kop en schouders boven de “normale” types uit. Toen deze vogels in 1992 voor het eerst te zien waren op de BVA show zorgde dat, zoals we gewoon zijn in de vogelwereld, voor het nodige wantrouwen en geroddel, wilde veronderstellingen en twijfels. De vogelliefhebberij staat immers bekend als oerconservatief en nieuwe zaken, vooral als die niet eenvoudig te verklaren zijn, stuiten meestal op een waaier van vooroordelen. Wie zo’n “langbevederde” vogel kon bemachtigen en ermee kon gaan kweken, was heel gelukkig. Anderen, die deze vogels niet bezaten, hadden dan hun reserves.

Genus Neophema, een taxonomisch overzicht

Genus Neophema, een taxonomisch overzicht

Door Dirk Van den Abeele
Ornitho-Genetics VZW
MUTAVI, Research & Advice Group

We merken de laatste jaren dat de leden van het geslacht Neophema terug meer en meer aanwezig zijn in avicultuur. Het feit dat er al diverse kleurmutaties ontstaan zijn bij deze sommige van deze soorten heeft zeker bijgedragen aan hun populariteit.

Deze Australische parkieten worden in het Engelse meestal “grass parrots,” “grass parakeets,” of “grasskeets” genoemd. De reden waarom is eenvoudig: deze vogels foerageren hoofdzakelijk op de grond tussen het gras waar ze zich te goed doen aan de aanwezige zaden. Volgens sommige onderzoekers zou dat hun enige voedingsbron zijn [1]–[3]. In het Nederlands hebben de liefhebbers het gewoon over Neophema’s. De reden waarom we voor deze soort geen Nederlandse vertaling gebruikt hebben van de Engelse term “grass parrots” (zoals meestal gebeurde) is waarschijnlijk omdat we de term grasparkiet al gebruiken voor de Australische Melopsittacus undulatus. Deze soort wordt in de Engelse taal aangegeven als budgerigar of budgie.

Neophema zijn in de wildbaan ongeveer 20 – 25 cm groot en hebben een mix van geel, groen, blauw en rode kleuren. Er zijn zes soorten en met de ondersoorten erbij komen we aan acht [4]. Vier soorten hebben een blauwe voorhoofdsband en geen duidelijk onderscheid tussen beide seksen, twee soorten hebben een compleet blauw masker en een duidelijk onderscheid tussen beide seksen. In de wildbaan leven ze in het zuiden van Australië en Tasmanië [5], [6].

Forpus coelestis: Yellam green

Forpus coelestis: Yellam green

By Dirk Van den Abeele

Ornitho-Genetics VZW
MUTAVI, Research & Advice group

It was at the end of 1980 when in the USA an ‘almost yellow’ Forpus coelestis was born [1].  The fact that this new mutation had dark eyes, could immediately exclude the possibility of an ino form.   With an ino mutation, it is typically that besides a visual reduction of the eumelanine presence (the dark pigment in the feathers), resulting in a yellow bird, thus the eyes can also not have the normal dark colour, but they are red coloured [2, p. 345].  Not only these red eyes are absent with this mutation, also the body colour is not yellow like a ino is, but is generally described as ‘light yellowgreen’.

Forpus coelestis: Yellam green

Forpus coelestis: Yellam green

Door Dirk Van den Abeele
Ornitho-Genetics VZW

Het was eind 1980 toen er in Amerika een ‘bijna gele’ Forpus coelestis geboren werd [1]. Het feit dat deze nieuwe mutant donkere ogen had kon onmiddellijk een ino vorm uitsluiten. Bij een ino is het immers typerend dat er naast een totale visuele reductie van het aanwezige eumelanine (de donkere kleurstof in de veren) met als gevolg een gele vogel, ook de ogen niet de normale donkere kleur hebben, maar wel roodgekleurd zijn [2, p. 345]. Niet alleen deze rode ogen zijn afwezig bij deze mutant, ook de lichaamskleur is niet geel als bij een ino, maar wordt meestal als ‘’licht geelgroen’ omschreven.

Naar analogie van de toen heersende benaderingen van kleurmutaties kreeg de vogel de naam ‘Amerikaans geel’ of ‘American yellow’. Amerikaans refereerde uiteraard naar de plaats van oorsprong en de naam geel lag voor de hand.

Red lovebirds, a mutation?

Update November 27th, 2019.
Benjamin aka Joven of Aby Aviary in the Philippines and the South-African breeder Willie Matthews, reported success ful breeding records with ‘red’ Agapornis fischeri.

It looks like these red phenotypes have an autosomal recessive inheritance. Willie Matthews confirmed that this bloodline is NOT related to the ‘red’ birds that are born out of the fallow bloodlines. The birds are complettely orange red and are all in very good health. Willie has bred severall red youngsters.


Red lovebirds, a mutation?
[Genus Agapornis]

By Dirk Van den Abeele
(16-02-2005)
(updated 13/12/2007)

It was around 1980 when I first came across a ‘red’ love bird in a shop. It was a lutino A. roseicollis hen which for some reason was coloured almost completely red. The result was an almost completely red bird, with red eyes, white primaries and an occasional yellow feather. At that point I did not know whether this was a mutation or not. I thought it was a normal mutation and bought the bird. I was convinced that this would enable me to start breeding red birds but that was not the case. After about 6 months the bird died without having produced offspring. I vowed that if I ever got the chance I would buy another specimen and to start a blood line.

Pale inderdaad allele van SL ino locus en iets over catharinaparkieten

Ik had het al meerdere keren aangehaald en vermeld in mijn boeken dat de pale mutant, naar alle waarschijnlijkheid, een allele van het SL ino locus zou zijn. Recent hebben we daar dan de bewijzen voor gekregen. Hoe en wat dat wordt u allemaal duidelijk in het BVA magazine van juni want dan wordt alles daar uit de doeken gedaan in een uitgebreid artikel.

We kunnen dan ook met zekerheid aangeven dat deze mutatie inderdaad identiek is aan de mutatie die we in 2003 beschreven hebben bij de cataharinaparkiet [Bolbohynchus lineola].  Om het wat te verduidelijken hebben  we hier het artikel uit 2003 over deze mutant bij de catharinamutant nog eens gepubliceerd. Een paar van de originele termen hebben we wel vervangen door de huidige, kwestie van het wel nog begrijpbaar te houden. Besef ook dat het lijstje van mutanten dan ook niet meer up to date is, maar, anno 2003, was het dat wel.

Over satinet en agaat bij kanaries [Serinus canaria]

 Over satinet, agaat en andere vragen rond kanaries [Serinus canaria]

Dit lijkt de laatste tijd een heikel punt te zijn in de kanariewereld. Verouderde opvattingen en verkeerde interpretaties van wat men denkt te zien liggen hier meestal aan de basis ervan en zorgen voor de nodige discussies.
Daarom publiceren we hier een artikel over deze materie. Dit artikel werd eerder gepubliceerd in het AOB blad in Belgie en valt onder het copyright.

Over satinet, agaat en andere vragen rond kanaries [Serinus canaria]

Wat met de agaat barmsijs?

We zijn de laatste jaren regelmatig benaderd door liefhebbers met de vraag hoe het eigenlijk zit met de ‘agaat’ barmsijs [Acanthis flammea]. Deze SL (geslachtsgebonden) recessieve mutatie roept bij heel wat fokkers twijfels op. Ze baseren zich vooral op het feit dat, wanneer ze combinaties maken met andere agaat vinken, er niet de logisch te verwachten agaat hybriden geboren worden, maar wel ‘pastel fenotypes’. Dat gegeven zorgt voor heel wat vragen, speculaties, twijfels en de nodige misverstanden.
Medio 2015 hebben we dan de start gemaakt om de zaken eens op een rijtje te zetten, maar dat bleek niet zo eenvoudig te zijn. De bekomen info was niet alleen beperkt en verwarrend, qua juistheid waren er ook heel wat twijfels over. Er zijn heel wat aannames in deze tak van de hobby en iedereen heeft dan ook zijn of haar eigen interpretatie die niet altijd even correct blijken te zijn. We zetten de feiten toch even op een rijtje voor jullie.